Inhoud


Paasheuvel PDF Print E-mail
maandag, 29 maart 2010 19:26

Paasheuvel


Jezus werd op Golgotha gebracht,

waar Hij versmacht

van dorst, verachting en ellende.

Berecht, zoals voorzegd,

in een graf gelegd,

was dat nu Zijn glorie?


Zoals gehoord, Romeins vermoord,

in heidentaal: "einde verhaal".

Na een driedaagse dood,

gebeurt er dat wat het verstand niet vat,

de logica tart, maar verrassend is te geloven.


Getuigen hebben gezien

- niet 'misschien' -

ze hebben Hem gesproken!

De macht van de dood blijkt gebroken.


Mensen komt uw angst te boven,

want uw Verlosser leeft!




hein van cralinghe

2010

 
Achter slot en grendel PDF Print E-mail
maandag, 29 maart 2010 19:11

Ik heb de sleutels van de dood en het dodenrijk (Openbaring 1:18)

In het laatste bijbelboek verschijnt Jezus aan Johannes. De titel van het boek luidt “Openbaring” (onthulling) van Jezus Christus, die God gaf om aan zijn dienaars te tonen welke dingen spoedig geschieden moeten.

Het boek tekent in telkens nieuwe beelden het wereldgebeuren, met al zijn verschrikkingen. Het is een troostboek voor de gemeente in verdrukking. Beslissend is - en daarin ligt de troost - dat in het gebeuren Christus zich onthult. Hij, het Lam, is waardig de boekrol van Gods plan met de wereld te ontvangen. Het is bij Hem in goede handen.

Onthulling (‘apocalyps’) veronderstelt verborgenheid. In onze beleving is Christus verborgen, Hij gaat schuil achter wat allemaal op ons af komt in deze wereld. Voor Johannes onthult Christus zich in een visioen. Visioenen hebben we nodig. In het boek Spreuken staat dat een volk zonder visioenen te gronde gaat. Zonder visioen geen visie. Dit geldt niet minder voor het volk van de kerk vandaag.

Johannes hoort eerst een stem. Aan zien gaat horen vooraf. Johannes moet zich dan ‘omkeren’ om te zien wie met hem spreekt. Dat woord voor ‘omkeren’ wordt in de Bijbel ook gebruikt voor ‘bekering’. Er is omkeer nodig om zicht op Christus te krijgen.

‘Vrees niet’, zegt Christus dan, ‘Ik ben de eerste en de laatste en de leven-de, Ik was dood en zie, Ik ben levend tot in de eeuwen der eeuwen en Ik heb de sleutels van de dood en van het dodenrijk’.

In deze woorden manifesteert Hij zich als overwinnaar op de dood.

Als sleutelhouder draagt Hij de volmacht van de Eeuwige, die Heer is over leven en dood.

Ik vind dat een geweldig beeld. Vanouds dacht men vooral aan zijn neder-daling in het dodenrijk, na zijn sterven, zoals dat ook in de Geloofsbelijdenis is verwoord. Men putte er hoop uit voor gestorven geliefden en kon er ook plastisch over spreken. Christus opent de poorten van de dood en bevrijdt de daar gevangen zielen. Uit pure paniek vluchten de duivelen alle kanten op.

Nu kan men met sleutels een deur niet alleen openen, maar ook sluiten.

Christus roept, met de weg die Hij gaat, de dood een halt toe.

Ook in dit licht is ons woord uit Openbaring misschien wel een van de mooiste paasteksten in de Bijbel.

Pasen wil zeggen dat de weg van Jezus niet een dood- maar een door-lopende weg is.

De dood waart overal rond, in vele gedaanten.

Maar Christus overwint die dood, zet hem achter slot en grendel, door de Vader en ons mensen lief te hebben en in alles de liefde te bewaren.

Hem volgen is kiezen voor het leven.

Wie liefheeft achter Hem aan – de dood krijgt geen vat meer op hem.

“Wij weten dat we van de dood zijn overgegaan naar het leven omdat we elkaar liefhebben. Wie niet liefheeft blijft in de dood.” (1 Johannes 3:14)

Hoe krijgen we daar zicht op – zoals Johannes in dat visioen Christus mocht ’zien’ als de Opgestane?

Door te blijven luisteren naar het evangelie.

Daarin ‘verschijnt’ Christus aan ons, allereerst door ons aan te spreken.

Net als Johannes en net als Maria bij het open graf, moeten we ons naar zijn stem toekeren om weer zicht op Hem te krijgen.

Dat wil Pasen ons opnieuw leren.

Ds. G. van den Dool

 
Een God van levenden (november 2009) PDF Print E-mail
zaterdag, 21 november 2009 13:14

Hij is niet een God van doden, maar van levenden…. (Marcus 12: 27)

 

Soms moeten we niet meer willen weten dan mogelijk is.

Meer dan dertig jaar geleden overleed mijn vader. Ik studeerde toen aan de VU in Amsterdam. Na enkele dagen werd ik verrast door een brief van prof. Kuitert, die mij troostte met bovenstaande woorden. Ik heb daar veel aan gehad.

Ze waren genomen uit het Evangelie. Er is geen betere bron denkbaar.

Het zijn woorden van Jezus die in een leergesprek verwikkeld is met de Sadduceeën over de mogelijkheid dat doden zullen opstaan. Het geloof daarin was ooit opgekomen als antwoord op de vraag: zal God recht kunnen doen aan het leven van onschuldigen en martelaren die zijn omgebracht?

De Sadduceeën waren een groepering binnen het Jodendom, die alleen de  op naam van Mozes staande boeken erkende als ‘Bijbel’. Wat daarna kwam, met al datgene wat je niet bij ‘Mozes’ vindt, had geen wezenlijke waarde. Daarom geloofden zij bijvoorbeeld niet in engelen. En van een leven na dit leven, laat staan van een opstanding der doden, moesten zij ook niets hebben. In hun conservatisme weerspiegelt zich dat zij een bevoorrechte klasse waren. Zij hadden veel: macht en rijkdom.

Als zij Jezus willen uittesten op het punt van de opstanding, komen ze met een extreem voorbeeld waarmee ze die vreemde rabbi uit dat half-heidense Galilea belachelijk willen maken.

Een vrouw wordt weduwe. Volgens de Torah (de wet van Mozes) moet, als er geen kinderen zijn, de broer van haar overleden man dan met haar trouwen, met als doel dat hij uit naam van zijn broer nageslacht bij haar zal verwekken. De gedachte daarachter: je leeft voort in je kinderen. Die zorgen er voor dat je naam niet wordt uitgewist. Gesteld nu dat ook de broer  overlijdt en een volgende broer zich aandient, en stel dat zij uiteindelijk met zeven broers getrouwd zal zijn geweest….. Van wie is zij dan de echtgenote in de Wereld die komt?

Het antwoord van Jezus is scherp en verrassend. Hij zegt dat zijn gespreks-partners dwalen, en wel omdat zij de Schriften niet kennen, en evenmin de kracht van God. Kenmerkend voor de God van Jezus is dat Hij ‘alle dingen nieuw maakt’, juist ook de uitzichtloze dingen waar de hoop bij is leegge-lopen: ‘opstanding’ een nieuw, een ander soort leven, alle dood voorbij.

“Ze zullen zijn als de engelen”. Of dat overkomt betwijfel ik, de Sadduceeën geloofden immers niet in engelen.

Maar Jezus grijpt dan terug op de Torah, de enige door hen erkende auto-riteit: het verhaal van het brandende braambos, waar de Eeuwige zich aan Mozes openbaart als ‘de God van Abraham en de God van Izaäk en de God van Jacob”. Daaruit spreekt, dat God met hen verbonden blijft, niet alleen in herinnering. Hij is daarom een God van levenden en niet van doden. ‘Voor Hem leven zij allen.’

Daarmee is eigenlijk alles gezegd wat wij nodig hebben te weten over het ‘hiernamaals’,

God laat niet los wat Hij begon. Als onze doden voor Hem leven, is dat meer dan genoeg om hen aan Hem toe te vertrouwen. En vervolgens de herinnering aan onze geliefden vruchtbaar te laten zijn op onze verdere weg, hier op aarde. Want daar is nog veel te doen.

 

ds Gerrit van den Dool

 

 
Lied voor Hemelvaart (april 2009) PDF Print E-mail
vrijdag, 29 mei 2009 19:17

Messias van ons allen
die onze liefde zijt,
gij woord in alle talen
die 't al hebt toebereid
en mens ten enen male
in 't laatste van de tijd!

Door steeds naar ons te vragen
hebt gij ons God onthuld,
gij hebt de schuld gedragen,
gij hebt de dood geduld
en onze levensdagen
met levenslicht vervuld.

Ter hel zijt gij gevaren,
het klooster van de dood.
Die daar gevangen waren
hebt gij met heil begroet.
Nu gaat gij naar de Vader
de toekomst tegemoet.

Ter rechterhand gezeten,
een mens die zegeviert,
zo wordt gij aangebeden
door ons op aarde hier.
Geef ons een geest van vrede,
de hemel op een kier.

Uw leven is een leven
dat ons te boven gaat,
uw zegening een zegen
die vrijheid overlaat,
gij kunt ons vreugde geven
die nooit meer overgaat.

 
Levensmomenten (een gedicht) PDF Print E-mail
maandag, 10 maart 2008 23:28

Tot slot wil ik graag een gedicht doorgeven, dat ik onlangs van een gemeentelid kreeg. Wellicht zullen velen er iets van hun eigen leven in herkennen.

Levensmomenten

Momenten van vrede en stil geluk,
momenten van pijn en zorg en druk,
momenten van angst en onzekerheid,
momenten van zien hoe je steeds meer verslijt.

Momenten van moeheid en jezelf laten gaan,
momenten van zon en ’n moment van een traan,
momenten van fier zijn heel onverwacht,
momenten van troost, momenten van kracht.

Momenten van inzicht, begrip en waarderen,
momenten van falen, en een moment van bekeren.

Moment van nabijheid en hulp van velen,
momenten van feesten en breken en delen.

Momenten van onmacht en niet meer kunnen,
momenten van vreugde dat je het toch kunt runnen.

Maar al die momenten vormen de tijd
waarin U, Heer, ons boetseert en leidt,
waarin U ons levensbewustzijn laat groeien,
waarin wij uw ruimte ervaren na’t snoeien,
waarin U ons diep in ons hart laat weten:

IK ben er altijd, Ik zal je nooit vergeten!
 
LoginDownloadsPrivacyverklaringDisclaimer